Het verminderen van luchtbellen in vloeibare siliconen zonder vacuümpomp kan lastig zijn. Met de juiste materiaalkeuze, een langere verwerkingstijd en een zorgvuldige giettechniek kunt u het aantal luchtbellen echter aanzienlijk beperken. Hieronder vindt u enkele praktische methoden.
luchtbellen in vloeibare siliconen
1. Kies het juiste siliconenmateriaal
Vloeibare siliconen met een lagere viscositeit kunnen ingesloten lucht doorgaans gemakkelijker laten ontsnappen. Dikkere siliconen houden luchtbellen langer vast. Kies daarom een siliconentype en hardheid die passen bij de vorm, details en vereiste prestaties van uw project.
De viscositeit van RTV-2-siliconen vertoont doorgaans de volgende kenmerken:
1. Binnen dezelfde productserie hebben siliconen met een hogere hardheid vaak ook een hogere viscositeit. De exacte relatie is echter afhankelijk van de formulering.
2. Bij siliconen met een vergelijkbare hardheid is de viscositeit doorgaans het hoogst bij transparante siliconen, gevolgd door tinsiliconen en vervolgens doorschijnende platinasiliconen. Controleer altijd het technisch gegevensblad van het specifieke product.
3. Siliconen die te lang of onder onjuiste omstandigheden zijn opgeslagen, kunnen dikker worden. Gebruik geen materiaal waarvan de houdbaarheid is verstreken of waarvan de eigenschappen duidelijk zijn veranderd.
2. Verleng de verwerkingstijd
Wanneer vloeibare siliconen langer verwerkbaar blijven, krijgen ingesloten luchtbellen meer tijd om vanzelf naar het oppervlak te stijgen. U kunt de verwerkingstijd verlengen door bij een lagere, maar nog steeds toegestane omgevingstemperatuur te werken, bijvoorbeeld in een geklimatiseerde werkruimte. De componenten kunnen vóór het mengen eventueel kort worden gekoeld, mits de productinstructies dit toestaan. Houd de verpakkingen goed gesloten en voorkom condensatie of contact met vocht. Bij tinsiliconen mag de hoeveelheid tinkatalysator uitsluitend binnen het door de fabrikant voorgeschreven bereik worden aangepast. Verander de mengverhouding van platinasiliconen niet om de verwerkingstijd te verlengen.
3. Technieken voor het gieten van vloeibare siliconen
1. Breng eerst met een fijne kwast een dunne contactlaag aan en werk deze zorgvuldig in alle details, groeven en ondersnijdingen. Daarna kunt u de resterende siliconen gieten.
2. Houd de mengbeker ongeveer 40 cm boven het laagste punt van het mastermodel en giet de siliconen langzaam in een dunne, gelijkmatige straal. Hierdoor kan een deel van de grotere luchtbellen tijdens het gieten openbreken.
3. Kantel het mastermodel tijdelijk en giet de vloeibare siliconen vanaf het hoogste punt, zodat het materiaal geleidelijk over het oppervlak naar beneden stroomt. Plaats het model daarna weer vlak en kantel of draai het indien nodig voorzichtig voor een gelijkmatige dekking.
Deze technieken kunnen afzonderlijk of gecombineerd worden toegepast.
Met deze methoden kunt u het aantal zichtbare luchtbellen in vloeibare siliconen verminderen, maar meestal niet volledig verwijderen. Voor een zo luchtbelvrij mogelijke siliconenmal blijft vacuümontluchting met een vacuümpomp de meest effectieve methode.
We waarderen uw reacties, maar plaats alstublieft geen zinloze of irrelevante inhoud. Bekijk eerst ons Reactiebeleid voordat u reageert.